Auteurs

Nieuwsbrief aanmelden

Advertising

Arme kinderen – Arme Merel
Merel van Esch, Bertram Westera en Judith Rosema
  • isbn: 978-94-90708-79-5
  • 196 pagina's
  • Uitgeverij Het Zuiden

Aanbieding!
€ 14,50 incl. Btw

zet op verlanglijstje

Bestel 2 exemplaren voor € 20. U sponsort zo de voedselbanken. U ontvangt 1 exemplaar. Het tweede exemplaar geven we aan de stichting Jarige Job, die het via de voedselbanken verdeelt aan Nederlandse kinderen.

'Arme kinderen' speelt in het jaar 1021. Maatje en Stijn zijn weggelopen van huis. Ze belanden in een weeshuis waar regelmatig kinderen spoorloos verdwijnen. Wie zit daarachter? En zijn zij zelf wel veilig?

'Arme Merel' speelt in 2012, als Bertram Merel ontmoet: de schrijfster van 'Arme kinderen'. Merel zegt uit het jaar 1021 te komen, en niet meer terug te willen. Maar er zit iemand achter haar aan. Waarom? En waarom wil diegene niet dat wij het ware verhaal van Merel kennen?


Een vinex-, internet- en psychologische thriller ineen, waarin ook ontroerende en hilarische momenten elkaar afwisselen. Voorlezen vanaf 9 jaar, zelf lezen vanaf 10 jaar.

 

 

Uit ‘Arme kinderen’:

 

‘Waar is Merel?’ vraagt Maatje.

Niemand geeft antwoord. De jongens gaan bij elkaar zitten met de rug naar de anderen toe. Frederike laat zich op haar strozak ploffen en staart met een lege blik naar de hanenbalken die het schuine dak dragen. Van de kant waar Anna samen met Merel haar slaapplaats heeft, klinkt een geluid dat op kreunen lijkt, of op snikken.

 

‘Waar is Merel?’ herhaalt Maatje.

 

Anna draait zich om. Haar ogen zijn rood van de tranen. Ze wijst naar de strozak, waar normaal altijd ook Merels bundeltje kleren en andere persoonlijke eigendommen ligt. Nu liggen er alleen de spullen van Anna.

 

Maatje kijkt Anna vragend aan. Ze begrijpt er niets van. Dan piept Anna bijna onhoorbaar: ‘Verdwenen…’

 

 

 

Uit ‘Arme Merel’:

 

‘Doe wat je wilt’, snerpte de heks, ‘maar bedenk wel dat ik ze in mijn macht heb – alle veertig! Ik ga naar Hedel en ik roep een zware nevel op die de hele dag duurt. Daar doorheen drijf ik ze terug naar onze tijd. Naar mijn kasteel.’ En op een dreigende fluistertoon voegde ze daaraan toe: ‘En ik zal ze laten boeten! En dat zal jóúw schuld zijn…’

 

‘Waag ’t eens’, stamelde ik, maar ze had gelijk: ze had de kinderen in haar macht. En ik had geen idee wat ik daaraan kon doen.



Merel van Esch
 is een schrijfster van jonge leeftijd.

 

Bertram Westera (1966) is schrijver en projectmaker. Eerder dit jaar verscheen zijn poëziedebuut In mijn beslagen spiegel (bestel hier) en de verhalenbundel Nieuwe rechten: verhalen op een Oisterwijkse leest (bestel hier). In 2009 verscheen bij Skandalon Zinnen beelden: Vier momenten (bestel hier). Eerder was Westera werkzaam als journalist, trainer-adviseur, communicatiemedewerker en cultureel ondernemer.
 

Judith Rosema (1977) ontving diverse prijzen en nominaties voor haar litho’s en tekeningen. In 2013 maakte ze litho’s voor de poëziebundel In mijn beslagen spiegel.

Er zijn geen voorbeeldweergaves beschikbaar.