- uitgave: gebonden met stofomslag en leeslint
- 1656 pagina's
- isbn: 978-90-76564-12-8
“De Naardense Bijbel is een literaire prestatie van jewelste. Het nodigt uit tot verder lezen én tot nieuwe exegetische avonturen.”
De Volkskrant
“Wie heel dicht bij de grondtalen wil blijven en als taalliefhebber graag verrassingen tegenkomt, biedt deze uitgave veel stof tot overdenking.”
Nederlands Dagblad
“Zijn taal is geïnspireerd, zijn zinnen leven, hij is eigenzinnig, uitzinnig vaak. Het geheel is niet alleen een wonder, maar vooral grote literatuur.”
Het Parool
Er bestaan verschillende uitvoeringen van de Naardense Bijbel. U bent nu op de pagina van de dundrukuitvoering. Daarnaast kunt u deze dundrukuitvoering ook bestellen met zilver op snee. De dundrukuitvoering heeft dezelfde maatvoering en vormgeving als Buiten de Vesting, een 'Naardense' vertaling van alle deuterocanonieke en vele apocriefe bijbelboeken. Een grotere uitvoering van de Naardense Bijbel is de tafeluitvoering in foedraal ofwel 'editie 2008'.
Naast Naardense Bijbels heeft Uitgeverij Skandalon ook Goudse, Dordtse en Groninger Bijbels uitgegeven. De vertaling is dezelfde als de 'Naardense' vertaling, maar de kleurenafbeeldingen verschillen. In de Naardense Bijbel zijn afbeeldingen opgenomen van de gewelfschilderingen in de Grote Kerk van Naarden, terwijl bv. de Goudse Bijbel afbeeldingen bevat van de Goudse glazen.
De dundrukuitvoering van de Naardense Bijbel heeft de volgende kenmerken:
• ruime bladspiegel
• 15 x 21,5 cm, waardoor de tekst goed leesbaar is
• gedrukt op 32 grams papier (‘Primalux’)
• ca. 1100 gram
De belangrijkste kenmerken van de Naardense Bijbel:
De meest woordelijke vertaling in het Nederlands
De bijbel is een zorgvuldig gecomponeerde tekst vol interne verwijzingen. Letterlijkheid is voor het verstaan daarom van groot belang. Voor uitleggers is het dan ook een geliefde stijlvorm geworden om te zeggen: we hebben in de schriftlezing net gelezen 'zus en zo', maar eigenlijk staat er 'dit en dat'. Dit is een van de redenen geweest om deze nieuwe bijbelvertaling uit te geven. Want een complete vertaling als déze, namelijk nog 'letterlijker' dan de Statenvertaling van 1637, was er nog niet. "Wie geen Hebreeuws leest, heeft met Oussoren een soort overtreffende trap van de Statenvertaling te pakken.", aldus NRC Handelsblad. Dezelfde woorden steeds met hetzelfde woord vertaald (concordant). Door te werken met vaste vertaalwoorden worden de verwijzingen en het woordspel uit het origineel ook hoorbaar in het Nederlands. Zo legt Mirjam Mozes in een 'biezen arkje' om daarmee de overeenkomst aan te geven met het vaartuig waarmee Noach wordt gered.
Tegenwoordige tijd
Werkwoordsvormen zijn waar mogelijk vertaald met de tegenwoordige tijd. Dus niet: "God zei tot Abram:…" maar: "God zegt tot Abram..." Deze tegenwoordige tijd die recht doet aan het vloeiende karakter van het Hebreeuwse werkwoord geeft de gehele tekst een opvallend levendig en actueel karakter. Deze verteltijd spoort met het middeleeuwse commentaar van Rasji en met de moderne (Franse) bijbelvertaling van Chouraqui; zij is uniek in de Nederlandse vertaalgeschiedenis.
Nieuwe regelindeling
De regelindeling in de Hebreeuwse bijbel (Oude Testament) is bepaald door de liturgische zangtekens in de Masoretische tekst. Daar waar in die oorspronkelijke tekst een rustteken is geplaatst, gaat de Naardense bijbel op een nieuwe regel verder. Dat heeft tot gevolg dat de regels in de Naardense Bijbel doorgaans van korte lengte zijn. Dat is met het oog op de voordracht meestal helpend – met oog op het verstaan meestal verhelderend – en soms is de betekenis ervan ronduit raadselachtig. Het principe van deze regelindeling is door de vertaler ook toegepast op het Nieuwe Testament. Het tekstbeeld krijgt daardoor het karakter als van een lang episch gedicht.
De godsnaam
De vierletterige godsnaam JHWH is in de Naardense Bijbel weergegeven met 'de ENE' in plaats van het gebruikelijke 'Heer'. Deze nieuwe vertaling gaat terug op Deuteronomium 6:4 "Hoor Israël, JHWH is één!", en op Zacharia 14:9 "JHWH is één, en zijn naam is één!". Er zijn wel meer 'goden', krachten en machten in de wereld van de bijbel, maar deze ENE uit velen vraagt één onverdeeld hart.
Spelling
Namen van personen en plaatsen worden van een cursief gedrukte vertaling voorzien als de betekenis ervan in de directe context een rol speelt. Bijvoorbeeld: ze roept als zijn naam uit: Samuël,- die van God komt, 'want van de ENE heb ik hem gewenst'.
De namen in de Hebreeuwse bijbel zijn zoveel mogelijk gespeld zoals ze in de grondtalen klinken. Daarbij zijn de regels gevolgd van de gids Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands (Den Haag, Sdu, 2002). Bijvoorbeeld: Elisja, Chizkia en Choer in plaats van Elisa, Hizkia en Hur. Namen echter die vernederlandst zijn, zoals Abraham, Mozes en Noach, worden op de vertrouwde wijze geschreven.
Volgorde van de bijbelboeken
De twee delen in de Naardense Bijbel worden de Hebreeuwse bijbel en het Nieuwe Testament genoemd. De bijbelboeken van de Hebreeuwse bijbel zijn gerangschikt zoals in de synagogale traditie. Dat is een ordening in drie afdelingen: Tora, Profeten en Geschriften (waarin de vijf rollen). De boeken van het Nieuwe Testament zijn op de gangbare manier geordend.
Fullcolour afbeeldingen
In de Naardense Bijbel zijn 27 kleurenreproducties opgenomen van de gewelfschilderingen in de Grote Kerk van Naarden. Zij zijn een zeldzaam cultuurmonument van Europese betekenis. De schilderingen illustreren deze vertaling op treffende wijze: zo ruig op eikenplanken gezet, met zoveel liefde voor details; zo'n robuuste symboliek, en subtiel reikend naar verstaanbaarheid.
Het lag aanvankelijk niet in zijn bedoeling om de hele Bijbel te vertalen, maar toen Pieter Oussoren voor eigen gebruik in zijn kerkdiensten gedeelten had vertaald en hem werd gevraagd het werk compleet te maken, deed hij dat. Zo werkte hij in totaal tweeëndertig jaar aan wat nu de Naardense Bijbel heet. Inmiddels zijn er ruim 25.000 exemplaren verkocht. In 2008 verscheen ook Buiten de Vesting, een woord-voor-woord vertaling van alle deuterocanonieke en vele apocriefe bijbelboeken. Beide boeken zijn liefdevol ‘handwerk’ (Oussoren schrijft met de hand) en vooral de Naardense Bijbel wordt veelal geprezen, ook door mensen uit reformatorische en evangelicale kringen. Het leest als poëzie, hoewel het Oussoren niet in de eerste plaats ging om schoonheid: primair wilde hij boven water halen wat de lezer niet ziet als hij geen Hebreeuws en Grieks kent.
Pieter Oussoren werd in 1943 in Portengen (het land tussen Breukelen en Kockengen) geboren in een boerengezin. Hoewel hij grote affiniteit heeft met het boerenbedrijf, het land en de aardsheid ervan, koos hij ervoor om theologie te gaan studeren en werd predikant. Officieel is hij met emeritaat, maar hij gaat nog regelmatig voor in kerkdiensten. Hij vertaalt ook poëzie. Zelf heeft hij zich niet aan dichten gewaagd, maar hij voelt zich ‘de zoon van Huub Oosterhuis en Ida Gerhardt, en de onechte zoon van Willem Barnard’.